Het ongenoegen van de loodsen blijft tot chaos leiden in de haven van Antwerpen. Dirk De Kort (CD&V) probeert een uitweg uit de impasse te vinden. Hij roept op tot redelijkheid.

Onze havens zijn van cruciaal belang voor de Vlaamse economie. Om de toegang tot die havens vlot te laten verlopen, spelen de loodsen een belangrijke rol. Zij zorgen ervoor dat schepen de haven vlot kunnen binnenvaren en adviseren de kapiteins en schippers bij het navigeren. Daarvoor hebben ze een sterke expertise opgebouwd als kapitein en extra opleidingen genoten. Mede dankzij de loodsen is er in onze havens een vlotte afwerking van de schepen, en dat is noodzakelijk voor onze concurrentiepositie.

Al enkele jaren zien we dat er moeilijkheden zijn bij de loodsen, wat geregeld tot stakingen of acties leidt en de goede werking van onze havens in het gedrang brengt. De versnippering van vakbonden en beroepsorganisaties zorgt ervoor dat de onderhandelingen niet evident zijn. Zeker als bevoegd minister Ben Weyts (N-VA) geen gezamenlijke gesprekken inplant, maar telkens met de organisaties of vakbonden apart praat.

In maart 2016 werd een algemeen akkoord bereikt. Volgens die afspraken wil men inzetten op efficiëntiewinsten aan de hand van optimalisatie en multivalentie. Multivalentie houdt in dat de verschillende types loodsen (zee, kust, kanaal en rivier) kunnen inspringen op de verschillende tracés (zee, kust, kanaal en rivier). De nood aan die multivalentie wordt ook bevestigd in de audit van de nautische keten, een belangrijk rapport voor de minister over de hele maritieme keten, waaronder het loodswezen. Het akkoord van maart 2016 bevatte ook de afspraak om premies toe te kennen bij de beloodsing van megaschepen.

Verschillende vakbonden hadden problemen met het akkoord, onder meer met de multivalentie die erin besloten lag. Over de uitvoering van het akkoord werd opnieuw onderhandeld. Tijdens de voorbije periode hebben we meermaals krantenartikelen kunnen lezen over het verdere verloop van de onderhandelingen. Dan had bevoegd minister Ben Weyts (N-VA) een akkoord met één organisatie, dan diende weer een andere organisatie een stakingsaanzegging in.

Organisatie

Het Loodswezen DAB wordt geleid door een algemeen directeur, een financieel directeur en een operationeel directeur. De lokale vestigingen in de havens worden geleid door chef-loodsen. De 350 loodsen zijn verdeeld over vier korpsen: rivierloodsen, kanaalloodsen, zeeloodsen en kustloodsen. Elke groep wordt apart vertegenwoordigd bij het sociaal professioneel overleg. Rivier- en kanaalloodsen hebben een eigen vereniging, de zee- en kustloodsen laten zich vertegenwoordigen door een der erkende vakbonden. De belangen van de 4 groepen zijn niet gelijklopend, hetgeen onderhandelingen moeilijk maakt. Onderhandelingen met de loodsen gebeuren momenteel rechtstreeks met de minister onder wiens bevoegdheid het loodswezen valt. Deze gang van zaken is moeilijk te vatten wetende dat directie en administratie in staat zouden moeten zijn om met degelijke voorbereiding en omschrijving van de te onderhandelen punten tot een oplossing te komen.

Bij nalezing van de commentaren m.b.t de audit van 2016 en de evaluatie krijgt men de indruk dat de loodsen zich niet zullen haasten om hun deel van de overeenkomst verder uit te voeren, maar dat ze veeleer geneigd zijn om de uitvoering van hun deel uit te stellen tot in een nog nader te bepalen toekomst. Hun buit is binnen : verhogen van de basis van hun pensioenberekening door integratie van premies in het vaste loon (met terugwerkende kracht), uitstel/vertraagde implementatie van de multivalente loods, behoud van het ambtenarenstatuut zonder wijziging.

Werken als loods

De potentiele toekomstige loods studeert aan de zeevaartschool die in stand wordt gehouden door de overheid. Deze school is noodzakelijk maar niet goedkoop wanneer men de reële kost ervan deelt door het aantal studenten. De aspirant officier gaat varen en verdient een goed loon, mede dankzij de belastingvoordelen die hij/zij en de Belgische reders hebben verkregen van de overheid, ter instandhouding van de Belgische koopvaardij. Na een opleiding (met verloning) begint zijn/haar carrière als loods. Deze functie verdient alle respect, zij is niet van de gemakkelijkste en vergt veel fysieke inspanning. Dit wordt echter ruim gecompenseerd door vakantie- en rustdagen. Na enkele jaren is de loods opgeschoven naar de hoogste categorie en ontvangt een loon waarvan vele leeftijdsgenoten slechts kunnen dromen. Dat de loodsen aandringen op allerlei extra's, is niet gerechtvaardigd. Het gaat hier om professionele ethiek en fatsoen.

Om verdere onrust te vermijden is een langetermijnvisie voor de loodsen noodzakelijk. Het is ontoelaatbaar dat relatief kleine problemen tot enorme schade en verliezen voor de Vlaamse havens en economie kunnen leiden.

Hardhandige oplossingen zoals het zelfstandigenstatuut van de loodsen binnen het overheidsbedrijf, privatisering, samenvoeging met de Nederlandse tegenhanger of juridische stappen zijn gedoemd om te mislukken zonder onmiddellijke uitvoering. De loodsen zijn en blijven onmisbaar op korte en halflange termijn. Om vakbonden en beroepsorganisaties op één lijn te krijgen is meer gezamenlijk overleg nodig in plaats van met elke vakbond en organisatie afzonderlijk. Het akkoord zou samen met alle vakbonden in een sectorcomité moeten kunnen worden gefinaliseerd. Redelijkheid is de enige mogelijkheid. Een sterk management en één vertegenwoordiging van de 4 loodsenkorpsen moeten in staat zijn om de impasse te doorbreken.

    Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.