Wil u alles weten over de hervorming van de kinderbijslag naar een groeipakket?

Groeipakket geeft vliegende start aan jonge gezinnen

De Vlaamse Regering heeft vandaag het concept voor een nieuw kinderbijslagsysteem goedgekeurd dat vanaf 1 januari 2019 ingaat. Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin is verheugd met de beslissing: “Vlaanderen grijpt hiermee de historische kans om elk kind een gelijkwaardige en sterke start aan het leven te bezorgen.”

Aangepast aan de nieuwe realiteit


Het systeem wordt aangepast aan de maatschappelijke veranderingen zoals het tweeverdienersmodel, de dalende gezinsgrootte en de diversiteit van gezinsvormen. Voortaan krijgt elk kind een eigen Groeipakket met financiële tegemoetkomingen die gezinnen maximaal de kans geeft elk kind te laten opgroeien en zich te ontplooien. Het Groeipakket zal ook meehelpen de armoede terug te dringen via een aantal sociale toeslagen.

 

Stap voor stap naar een Groeipakket met respect voor verworven rechten

Een Vlaams decreet zal de basis leggen voor het nieuwe systeem voor kinderbijslag –  het â€˜Groeipakket’ – en voor de manier waarop de uitbetaling zal verlopen.  

Om van de huidige kinderbijslag over te stappen naar het nieuwe Groeipakket zijn er overgangsmaatregelen. Uitgangspunt: op het moment dat de overgang naar het Groeipakket wordt ingezet, ontvangt geen enkel gezin in de overgangsperiode minder kinderbijslag dan het kreeg. Met andere woorden: geen enkel gezin zal erop achteruit gaan.

Voor de kinderen geboren voor 1 januari 2019 verandert er niets. Voor deze kinderen blijven de huidige, verworven rechten (leeftijdstoeslagen en rangorde) behouden, ook als er een nieuw kind geboren wordt na 1 januari 2019. Voor dat laatste kind is het nieuwe systeem van toepassing. Een aantal transitiemaatregelen worden bepaald. Bijvoorbeeld, zo krijgen alle gezinnen met een inkomen onder de 29.000 euro recht op sociale toeslagen. Vroeger was dat beperkt tot eenoudergezinnen, gepensioneerden, langdurig zieken en werklozen.

 

Het Groeipakket is een recht van elk kind

 

Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Gezin: “Het Groeipakket zal voor elk kind tegemoetkomen in de kosten van de opvoeding en maakt werk van de bestrijding van kinderarmoede. We kiezen daarom voor een universeel systeem op basis van het recht van het kind, ongeacht de sociale of professionele status van de ouders. Daarnaast kiezen we voor selectiviteit afgestemd op het inkomen en de gezinsgrootte en stimuleren we de participatie in kinderopvang en onderwijs.”

 

Het Groeipakket doet het armoederisico ten opzichte van het huidige systeem dalen

 

kindniveau

gezinsniveau

1 kind

2 kinderen

3 kinderen

+4 kinderen

Eenouder
gezinnen

Huidig systeem

11,2%

10,3%

12,3%

7,6%

8,8%

23,2%

22,3%

Nieuw systeem

10,3%

9,2%

10,5%

7,3%

7,1%

23,2%

20,8%

Verschil

-0,9%

-1,1%

-1,8%

-0,3%

-1,7%

0%

-1,5%

 

Wat zit er in het Groeipakket?

 

Het Groeipakket bestaat uit drie pijlers:

1. Een onvoorwaardelijk startbedrag en een basisbedrag

Het startbedrag: elk kind krijgt bij de geboorte of de adoptie een eenmalig bedrag van 1.100 euro. Het bedrag is voor elk kind in het gezin hetzelfde.  

Het basisbedrag is een maandelijks bedrag voor elk kind van 160 euro, ongeacht de gezinssamenstelling en het professioneel statuut van de ouders.

 2. Selectieve en gezinsgemoduleerde toeslagen

De zorgtoeslag: wie wees is of in een pleeggezin wordt opgevangen, krijgt maandelijks een zorgtoeslag bovenop het basisbedrag. Voor een wees is het bedrag 160 euro bovenop het basisbedrag, 80 euro voor een halve wees. Een pleegkind ontvangt 61 euro. Ook het kind met een bijzondere ondersteuningsnood ten gevolge van een handicap of aandoening heeft recht op een zorgtoeslag die aan de specifieke noden van het kind wordt aangepast.


De sociale toeslag is er voor gezinnen die met hun inkomen de opvoedingskost moeilijker kunnen dragen. Zij krijgen een toeslag op het basisbedrag, afhankelijk van hun inkomen en hun gezinsgrootte.  

Het bedrag varieert naargelang het inkomen (bedragen per maand per kind):           

inkomen

≤ 29.000

29.000 tot 60.000

1 kind

50€
per maand per kind

x

2 kinderen

50

x

≥ 3 kinderen

80

60

3. De participatietoeslag in het kader van een geïntegreerd gezinsbeleid

De participatietoeslag in het kader van een geïntegreerd gezinsbeleid ondersteunt gezinnen om hun kinderen te laten deelnemen aan kinderopvang en onderwijs omdat beide, zoals ook uit wetenschappelijk onderzoek blijkt, de ontwikkelingskansen vergroten. De vroegere schooltoelagen worden omgevormd tot een participatietoeslag en versterkt. 

 

a. Universele participatietoeslag
 

Kinderopvangtoeslag

0-3 jaar

3,17 euro per dag:

kinderen die naar een voorschoolse kinderopvang gaan met een niet inkomensgerelateerd tarief

 

Kleutertoeslag

3 jaar + 4 jaar

150 euro per jaar

voorwaarde: inschrijving kleuterschool + aanwezigheid

 

Universele participatietoeslag lager en secundair onderwijs

Geboorte-2 jaar

20 euro per jaar

Vanaf 5 jaar

35 euro per jaar

Vanaf 12 jaar

50 euro per jaar

Vanaf 18 jaar

60 euro per jaar

 

 b. Selectieve participatietoeslag (vroegere schooltoelagesysteem)

 

Selectieve participatietoeslag

3-5 jaar

Gemiddeld 98 euro per jaar (t.o.v. gemiddeld 93 euro per jaar nu in de schooltoelage)

6-12 jaar

Gemiddeld 194 euro per jaar (t.o.v. gemiddeld 130 euro per jaar nu in de schooltoelage)

12-18 jaar

Gemiddeld 630 euro per jaar (t.o.v. gemiddeld 442 euro per jaar nu in de schooltoelage)

 

Drie- en vierjarige kleuters die ingeschreven en voldoende aanwezig zijn op school krijgen in de toekomst een kleutertoeslag van 150 euro per jaar. Om de financiële kosten voor wie naar school gaat te ondersteunen wordt er voor alle andere kinderen in een jaarlijkse universele participatietoeslag voorzien. Daarnaast integreren we  de schooltoelagen in de kinderbijslag omdat we willen dat iedereen die recht heeft op een schooltoelage die op termijn ook automatisch krijgt. In de toekomst worden de middelen van de schooltoelagen ook versterkt en blijft de huidige doelgroep behouden. In de toekomst noemen we de schooltoelage selectieve participatietoeslag. De studietoelagen in het hoger onderwijs worden niet gekoppeld aan het kindergeld aangezien meerderjarige jongeren ook zelfstandig kunnen wonen. Door de koppeling van kindergeld en schooltoelage mag verwacht worden dat we in de toekomst ook meer zicht hebben op wie recht heeft op een studietoelage. Voor HBO5-studenten voorzien we nu ook studietoelagen net zoals hun collega bachelor en masterstudenten.

Hilde Crevits, minister van Onderwijs: “Welzijn en onderwijs slaan vandaag de handen in elkaar en geven een bijzonder krachtig signaal. Door de schooltoelage in de kinderbijslag te integreren automatiseren we op termijn de toekenning van de schooltoelage. Wie recht heeft op een schooltoelage moet die ook ontvangen. Bovendien versterken we de middelen voor de schooltoelage. Daarnaast stimuleren we ouders om hun kinderen zo vroeg mogelijk naar school te sturen door een extra kleutertoeslag toe te kennen. Dit is belangrijk omdat uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat kleuters die te weinig op de schoolbanken zitten meer kans hebben om achterstand op te lopen in hun schoolcarrière.”

 

Blauwdruk voor de uitbetaling van het Groeipakket

Voor de organisatie van de uitbetaling van het Vlaams Groeipakket is het de bedoeling efficiëntiewinsten te boeken die de burger, de uitbetalingsinstantie(s) en de overheid ten goede komen en zoveel mogelijk in te zetten op automatische rechtentoekenning.

Daarvoor wordt:  

  • een extern verzelfstandigd agentschap (EVA) opgericht dat de uitbetaling moet garanderen.

  • door de Regering met deze EVA een beheersovereenkomst afgesloten. Aan het einde van deze overeenkomst (vier jaar) volgt een evaluatie.

  • Kind en Gezin regisseur van de transitie en het beleid.

  • een beperkt aantal (vier) private uitbetalingsactoren (kinderbijslagfondsen) vergund.

  • één publieke kas geïntegreerd in de EVA.

     

    Om van start te kunnen gaan met een eigen Vlaams systeem van kinderbijslag moeten nog een aantal samenwerkingsakkoorden afgesloten worden. De Regering streeft ernaar – in een geleidelijke opbouw van het totale systeem – vanaf 2019 op kruissnelheid te komen.

 

    Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.